Virus Diagnostiek

Virologisch onderzoek is onder te verdelen in:

Direct onderzoek

Direct onderzoek op virus-antigeen is slechts bij een beperkt aantal virusziekten mogelijk.

PCR

Het aantonen van DNA/RNA van virussen.

Serologisch onderzoek:

Het lichaam reageert op een infectie met de vorming van antistoffen. De vorming van deze antistoffen vergt enige tijd. In de regel zijn antistoffen enkele dagen na het begin van de ziekte aantoonbaar. De antistoftiters stijgen vrij snel gedurende de eerste 2-6 weken na de infectie en dalen daarna vrij langzaam.

IgM-antistoffen:

Ten behoeve van snelle diagnostiek kan onderzoek op IgM-antistoffen in het eerste serum worden verricht. IgM-antistoffen zijn in vele gevallen slechts enkele weken tot enkele maanden na het begin van de ziekte aantoonbaar. Een positieve uitslag wijst op een recente infectie en heeft derhalve vrijwel dezelfde diagnostische betekenis als een titerstijging.

PatiëntenmateriaalTransportBewaarconditie
Uitstrijk ( keel, conjunctiva enz.)eSwab2-8°C
Blaasjesinhoud, punctaat, biopt e.d.eSwab 2-8°C
Uitstrijk op Chlamydia trachomatis/Neisseria gonnoroehae**)Chlamydia-transportmedium2-8°C
Liquor, urine, sputumLiquorbuis, urinepotje, sputumpotje2-8°C
FecesFecescontainer met spatel2-8°C
Bloedstolbuis2-8°C

  • Materiaal voor virusonderzoek zo vroeg mogelijk na het begin van de ziekte afnemen.
  • Materiaal zo snel mogelijk op laboratorium bezorgen.
  • Klinische gegevens en eerste ziektedag op het aanvraagformulier vermelden
  • Het is niet mogelijk patiëntenmateriaal op alle virussen te onderzoeken. Voor gericht onderzoek zijn klinische gegevens onontbeerlijk.

Virusinfecties van het zenuwstelsel

Meest voorkomendZeldzamer voorkomend
Herpes simplex-virusAdenovirussen
BofvirusMazelenvirus
Enterovirussen (Coxsackie-, Echo-, en Poliovirus)Epstein-Barrvirus
Varicella-zostervirusArbovirussen
Rabiësvirus
Mycoplasma pneumoniae**
Legionella pneumoniae**
Toxoplasma gondiï**
JC-virus
LaboratoriumdiagnostiekPatiëntenmateriaal / opmerkingenAanvraag
PCRkeeluitstrijk, fecesmonster, evt. uitstrijk van blaasjesbodem,Virus
Serologie op neurotrope virussen (Herpes
simplex, Varicella zoster, Bofvirus, Mazelenvirus, Adenovirus, Epstein-Barrvirus en Mycoplasma pneumoniae
StolbloedNeurotrope virussen
PCRLiquorHerpes simplex, Varicella zoster, Enterovirussen, JC-virus
Antistoffen Polio-virusStolbloed
N.B.: in overleg arts-microbioloog, melding GGD
Polio-virus

Virusinfecties van de luchtwegen

Meest voorkomendZeldzamer voorkomend
RhinovirusBofvirus
AdenovirusHerpesvirus
Resp. Sync. VirusMazelenvirus
Influenzae A-, B- en C-virusRubellavirus
Para-influenzaevirus type 1, 2, 3 en 4Chlamydia trachomatis**) (bij neonaten)
CoronavirusSARS-CoV*
Enterovirussen
Mycoplasma pneumoniae**)
Chlamydia psittaci**)
Legionella pneumophila**)
Coxiella burnetii**)

*Bij iedere verdenking neem eerst contact op met de (dienstdoende) arts-microbioloog!!

Voor meer informatie zie de LCI-richtlijn SARS.

LaboratoriumdiagnostiekPatiëntenmateriaal / opmerkingenAanvraag
PCRKeelwat, neuswat, bronchiaal secreetRespiratoire virussen
Serologie (respiratoire virussen)StolbloedRespiratoire virussen

Virusinfecties van het maag-darmstelsel

Meest voorkomendZeldzamer voorkomend
Rotavirus (Vooral bij kinderen tot 4 jaar, ziekenhuisinfectie)Coronavirus
Enterovirussen (Vooral bij kinderen)Astro- en Sapovirus
Adenovirus (waaronder type 40/41)
Norovirus (Calicivirus)(Norwalk like agent (SRSV))
LaboratoriumdiagnostiekPatiëntenmateriaal / opmerkingenAanvraag
Direct aantonen van virusantigeenfecesRota/Adenovirus
PCRfecesEnterovirus, Adenovirus
SerologiestolbloedRota, Enterovirus

Virusinfecties van de lever

Meest voorkomendZeldzamer voorkomend
Hepatitis A-virus (HAV)Hepatitis D-virus
Hepatitis B-virus (HBV)Gele koorts-virus
Hepatitis C-virus  (HCV)
Hepatitis E-virus (HEV)
Cytomegalievirus (CMV)
Epstein-Barr virus (EBV)
VirusOpmerkingenMateriaal
Hepatitis AAantonen van IgM tegen HAVstolbloed
Hepatitis B*stolbloed
Hepatitis CAantonen van antistoffen tegen HCVstolbloed
Epstein-Barr virusIgG/IgM tegen EBVstolbloed
CytomegalievirusAantonen van IgG/IgM tegen CMVstolbloed
Hepatitis DAlleen zinvol bij HBs-Ag-positieve patiëntenstolbloed
Hepatitis EIn de laatste jaren is duidelijk geworden dat Hepatitis E endemisch is in Nederland. Meestal is het een zelflimiterende infectie, maar in sommige gevallen leidt een Hepatitis E infectie tot ernstige leverfunctiestoornissen of neurologische klachten.stolbloed
Gele koorts-virusZeer zelden in Nederlandstolbloed

*Hepatitis B

Diagnostiek acute HBV-infectie:

  • Aanvraag: Hepatitis B (aantonen ziekte)
    HBs-Ag, anti-HBc, anti-HBs (eventueel aangevuld met HBe-Ag en anti-HBe).

Diagnostiek chronische HBV-infectie:

  • Aanvraag: Hepatitis B
    HBs-Ag, HBe-Ag en anti-HBe.

Controle immuunstatus na HBV-vaccinatie:

  • Aanvraag: Hepatitis B (na vaccinatie)
    Anti-HBs

Inclusief criteria voor interferonbehandeling:

  • HBs-Ag positief langer dan zes maanden met een positieve HBe-Ag. (actieve virale replicatie)
  • Indien Hbe-Ag negatief is, maar leverfunctiestoornissen aantoonbaar zijn kan worden overwogen om een HBV-DNA bepaling te doen om een infectie met een HBV-mutant uit te sluiten.

Bij prik-, snij of spatincidenten is er risico voor een infectie bloedoverdraagbare aandoeningen (BOA).

Alleen bij een risico op een HBV-infectie zijn er effectieve preventieve maatregelen.

Bij een prikaccident in het ziekenhuis moet de adviseur infectiepreventie worden geïnformeerd.

Virusinfecties van het uro-genitaal stelsel

UrinewegenGenitaliën
Meest voorkomend
Adenovirus type 11 en 21 (acute hemorragische cystitis bij kinderen)
(Zeer zeldzaam)
Herpes simplex-virus (type 2)
BK-virusPapilloma-virus
Chlamydia trachomatis**)
Bofvirus
DiagnoseOpmerkingenMateriaal
CystitisPCR en serologieVerse urine en Stolbloed
Herpes genitalisZie virusinfecties van huid en slijmvliezen
Chlamydia trachomatisPCR (LCX)Vrouw: Urethrale en cervicale uitstrijk
Man: Urethrale uitstrijk of urine
Orchitis door Bof-virusPCR en serologieStolbloed en Keeluitstrijk

infecties van huid en slijmvliezen

Meest voorkomend 
Herpes simplex-virus (HSV)Coxsackievirussen
Varicella-zoster virus (VZV)ECHO-virussen
MazelenvirusParvovirus B19
Rubella-virusHumaan Herpes virus 6 (HHV6)

DiagnoseOpmerkingenMateriaal
HSV/VZVPCR en serologieUitstrijk/blaasjesinhoud en Stolbloed
MazelenSerologieStolbloed
RubellaSerologie, ook mogelijk in het eerste monster al IgM aan te tonen, bij gravidae arts-microbioloog waarschuwenStolbloed
Coxsackie-ECHO-virusPCR en serologieKeelwat, feces en Stolbloed
Parvovirus B19Serologie, IgM-antistoffenStolbloed

infecties van de speekselklieren en de pancreas

Speekselklieren Pancreas 
Meest voorkomendZeldzamer voorkomendMeest voorkomendZeldzamer voorkomend
BofvirusEnterovirusBofvirusCoxsackie B-virus
VirusOpmerkingenMateriaal
BofvirusPCR en serologieKeeluitstrijk en Stolbloed
Enterovirussen (Echo/Coxsackie)PCR en serologieFeces, keelwat en Stolbloed

infecties van het hart*

*Met name myocarditis en pericarditis

Meest voorkomendZeldzamer voorkomend
ECHO-virus type 9, 11 en 22ECHO-virussen (overige)
Coxsackie A-virus type 4 en 16Coxsackie A-virus (overige)
Coxsackie B-virusAdenovirussen
Cytomegalievirus
Epstein-Barr-virus
Mazelenvirus
Rubellavirus
Influenza A en B
Herpes simplex-virus
Bofvirus
Varicella-zostervirus
Mycoplasma**
DiagnoseOpmerkingenMateriaal
Myocarditis/pericarditisPCR en serologieKeelwat, feces en stolbloed, (pericardvloeistof)

infecties van het oog

Meest voorkomendZeldzaam
Herpes simplex-virus (HSV)Enterovirussen
AdenovirusMazelenvirussen
Chlamydia trachomatis**New Castle disease virus
Rubellavirus
Cytomegalievirus
VirusOpmerkingenMateriaal
Virus algemeenPCR en/of serologieUitstrijk laesie en/of Stolbloed
Chlamydia trachomatis**PCRUitstrijk laesie
conjunctiva

infecties van de lymfeklieren

Meest voorkomendZeldzaam
Epstein-Barr virusChlamydia trachomatis L1, L2 en L3**)
Cytomegalievirus
Bofvirus
Adenovirus
VirusOpmerkingenMateriaal
Epsteinbarr-virusPaul en Bunell, IgM tegen EBVStolbloed
Cytomegalievirusaantonen van IgM tegen CMVStolbloed
Bofvirus
Adenovirus
serologie en PCRStolbloed en keeluitstrijk
Chlamydia trachomatis**)PCRUrethrale of cervicale uitstrijk
Punctaat klier

Pre– en perinatale infecties

Meest voorkomendZeldzaam
Cytomegalievirus (CMV)Herpes simplexvirus
RubellavirusHepatitis B-virus
Parvovirus B19Coxsackie B-virus (myocarditis neonatorum: zeer zeldzaam
Toxoplasma gondii**Varicella-zoster virus
Chlamydia trachomatis**)
Gele koortsvirus

Bij verwekkers van prenatale infecties wordt de diagnose gesteld op grond van het aantonen van IgM-antistoffen tegen een van de verwekkers.
Bij negatieve IgM-reactie worden de titers van IgG-antistoffen gedurende de eerste levensmaanden gevolgd. Een stijgende of gelijkblijvende titer wijst in de richting van een prenatale infectie. Voor de volledigheid van het onderzoek dient ook het serum van de moeder te worden onderzocht en worden de antistoftiter van moeder en kind met elkaar vergeleken.
PCR kan van nut zijn (overleggen met arts-microbioloog).

infecties van het immuunsysteem

De meest voorkomende verwekkers:

  • Epstein-Barrvirus (EBV) (Zie virusinfecties van de lymfeklieren)
  • Cytomegalievirus (CMV) (Zie virusinfecties van de lymfeklieren)
  • Humaan immuundeficiëntie virus (HIV)

 

HIV-bepaling:

Serum wordt gescreend op antistoffen met een ELISA. Positieve reacties worden bevestigd met een Western Blot. Dit is een antistofbepaling met een hogere specificiteit dan de ELISA.
Positieve uitslagen worden besproken met de aanvrager. Ter uitsluiting van verwisseling van monsters kan een tweede monster worden afgenomen, waarop alleen een ELISA wordt uitgevoerd.
Mede daardoor worden positieve bepalingen binnen 10 dagen na binnenkomst van het 1e monster naar de arts doorgebeld door de arts-microbioloog.

Voor het vaststellen van congenitale HIV-infecties wordt gebruik gemaakt van moleculaire technieken (HIV-PCR) Het bepalen van antistoffen geeft geen relevante informatie omdat de antistoffen van maternale afkomst kunnen zijn.

Ter controle van positieve patiënten wordt een viral-load bepaald.

Virale hemorragische koorts

Filovirussen: Marburg- en Ebolavirus

Arenavirussen: Lassa, Argentijnse, Boliviaanse, Venezolaanse en Braziliaanse hemorragische koorts

Krim-Congo: Nairovirus

Bij iedere verdenking neem eerst contact op met de (dienstdoende) arts-microbioloog!!

Klinische materialen:

Diagnostiek is mogelijk door middel van keeluitstrijk (PCR), neusuitstrijk (PCR), sputum (PCR), serum (serologie,PCR), feces (PCR) en urine (PCR).

Voor meer informatie: LCI-richtlijnen RIVM

De met **) aangeduide organismen worden niet geclassificeerd onder de sen en zijn met de gangbare kweektechnieken niet aan te tonen. Deze organismen vallen binnen het aandachtsgebied van de afdeling virologie en moleculaire microbiologie